Robotisering zonder achterblijvers

Voorzitter,

 

Van de week las ik de robotspeech van minister Asscher terug. De speech die hij hield op 29 september 2014 tijdens het SZW-congres. En mag ik hem daar alsnog mee complimenteren. De speech is genuanceerd, bekijkt de voors en tegens van de robotisering en geeft ook aan waar mogelijke oplossingen liggen. In scholing bijvoorbeeld. Hoe kan het dan toch dat robotisering inmiddels synoniem lijkt te zijn geworden voor massale werkloosheid en tweedeling? Dat de meeste mensen die aan de toekomst en de vierde technologische revolutie denken niet direct aan de tv-serie The Jetsons (uit mijn jeugd) denken. Maar dat men denkt aan mbo-ers die nergens meer aan de bak komen, omdat de machine hun werk goedkoper en beter kan?


Voorzitter, ik denk dat daar meerdere redenen voor zijn. Allereerst, verandering is altijd eng. Bij iedere technologische revolutie was men bang. Denk aan de stoomtrein, waar de melk van de koeien zuur van zou worden. Of Marx die vreesde dat de mechanische weefgetouwen enkel zouden leiden tot tweedeling tussen bezitters en bezitlozen.


Het is nu eenmaal makkelijker om te zien welke banen door nieuwe technologie zullen verdwijnen dan je voor te stellen welke nieuwe banen ervoor terug gaan komen. Dat app-bouwer een veelgevraagd beroep zou zijn vandaag de dag hebben weinigen kunnen voorzien. En dan kunnen politici of wetenschappers je wel vertellen dat tot nu toe iedere technologische revolutie uiteindelijk tot meer welvaart en meer welzijn hebben geleid, maar dat voelt toch anders als je weet dat jouw vrachtwagen straks geen chauffeur meer nodig heeft.


Maar de tweede reden waarom mensen de technologische vooruitgang niet direct als een wenkend perspectief zien, is omdat politici hen bang maken. Door wel op de ontwikkelingen en de gevaren te wijzen, maar niet op de kansen. Door wel het probleem te benoemen, maar niet met oplossingen te komen.


Problemen benoemen maar ze niet oplossen. Dat gebeurt tegenwoordig helaas veel te vaak in de politiek. Mijn partij en ik zijn daar niet van.


Maar voorzitter, dat is helaas wel wat deze minister doet als het om robotisering gaat. Hij heeft het thema geagendeerd. Hij heeft het probleem van de verdwijnende banen in het middensegment geschetst. Hij heeft zelfs aangegeven dat Nederland zich moet voorbereiden op die nieuwe werkelijkheid, maar hij vertelt er niet bij HOE.


Hij vertelt niet welke stappen we morgen al kunnen nemen voor die grote verandering die er in de toekomst op ons werk afkomt door big data, the internet of things, artifical intelligence en digitale connectiviteit via allerlei platformen.


Maar voorzitter, laat dat nu mijn favoriete onderdeel zijn van het politieke werk! Niet alleen het probleem benoemen, maar concrete eerste stappen bedenken die we kunnen nemen om de toekomst naar onze hand te zetten. Om Nederland schoner, slimmer en welvarender te maken. En het leven van de mensen die in Nederland wonen béter te maken.


Met startupNL maakte ik een agenda met concrete voorstellen om het Startup-klimaat in Nederland te verbeteren. Dat heb ik nu weer gedaan. Een concrete agenda met suggesties en denkrichtingen voor maatregelen die we morgen zouden kunnen nemen om Nederland optimaal te laten profiteren van de vierde technologische revolutie.


Ik bied de minister graag deze Robot-agenda van de VVD aan. Hij heet Robotisering zonder Achterblijvers. Dat moet ook, misschien wel juist, deze minister aanspreken.


Ik hoop dat het hem zal inspireren om niet alleen het probleem te benoemen en rapporten te laten opstellen, maar vooral concrete stappen te zetten op weg naar een nog welvarender en fijner Nederland. Waar we nieuwe technologieën omarmen. Waar we mensen in staat stellen om met de snelle veranderingen mee te bewegen. Maar waar we ook niet blind zijn voor de gevaren van big data en robots. Op deze drie punten doet de VVD concrete suggesties.


En natuurlijk hopen we dat de minister in de mei-vakantie het stuk nog eens doorleest en denkt: die en die punten, daar kan ik wel wat mee. Maar ik waarschuw hem wel. Om te zorgen dat we kunnen profiteren van de positieve kanten die de robot en de digitale connectiviteit ons kunnen brengen, zullen we soms bestaande belangen van vakbonden, onderwijsinstituties en O&O-fondsen moeten doorbreken. Als we willen dat mensen mee kunnen bewegen met de veranderende arbeidsmarkt, dan kunnen we niet halsstarrig vasthouden aan de zekerheden van het verleden. Zoals een baan voor het leven of een diploma waarmee je de rest van de leven voort kan. We moeten mensen nieuwe zekerheden geven. Zoals de belofte dat je ook zonder vast contract een huis kunt kopen. Dat je ook na je 30ste nog scholing kunt volgen, ook als je baas er niet voor wil betalen. En de zekerheid dat je ook met 10 parttime-banen een fatsoenlijk pensioen op kunt bouwen.


We moeten niet krampachtig vasthouden aan de zekerheden van nu - die overigens steeds minder mensen kennen - maar ook als overheid en sociale partners meebewegen met een toekomst die er onherroepelijk aan komt.


En voorzitter, ik HOOP dat de SER er ook zo over denkt. Dat zij in hun advies straks niet uitgaan van oude tegenstellingen, maar van kansen voor de toekomst. En draagvlak in de polder is fijn. Maar soms is ook een minister met lef vereist. Die door de bestaande belangen heen breekt en de toekomst recht in de ogen durft te kijken.


Dat is een toekomst waar iedereen van kan profiteren. Niet alleen economisch, maar juist ook qua welzijn. Qua kwaliteit van leven. Technologische innovaties die ons leven makkelijker maken. Leuker maken. Duurzamer maken. Onze welvaartsstaat betaalbaar helpen houden.


Door, nogmaals: nieuwe technologieën te omarmen. Mensen in staat stellen mee te bewegen en excessen te voorkomen.


Laat deze Robot-agenda het startpunt zijn van de discussie hoe we als politiek dat wenkend perspectief werkelijkheid kunnen laten worden. Zodat onze kinderen het nog beter krijgen dan wij. Misschien wel net zo goed als the Jetsons!